About Sebastiaan Boogaard

http://www.sebastiaan.nl

Posts by Sebastiaan Boogaard:

Whatsapp

Ooit ontdekte men dat als je twee blikjes met een draadje verbindt, je op afstand met elkaar kunt communiceren. Voor slechthorende kinderen bleek dit een manier om geluid directer in de gehoorgang te brengen. We denken allemaal dat Alexander Graham Bell dit vervolgens doorontwikkelde en de telefoon uitvond. Frapant: Een groot deel van het leven van Bell stond in het teken van doven en slechthorenden. In zijn tienertijd geraakte zijn moeder langzaam doof. Bell gaf les aan dove kinderen, trouwde met een dove vrouw. Dat juist deze man een apparaat uitvond waarmee GELUID kon worden overgedragen? Het ligt sowieso genuanceerder. In 1876 was Bell niet de eerste die een belapparaat ontwikkelde, maar wel de eerste die er patent op kreeg. Vervolgens ontstond er decennia lang een enorme kloof tussen doven en horenden: degenen die wél en degenen die niet konden bellen. De beller bleek sneller!

Maar de ontwikkeling ging nog sneller. Via internet, smartphones, en services als whatsapp kunnen we nu allemaal met elkaar op afstand communiceren. Niet kleppen maar appen. Hartstikke handig dat je op elke plek, ieder uur van de dag, contact kan hebben met wie dan ook.

Een uitkomst voor velen, maar mijn mobiel stroomt inmiddels vol met allerlei appjes. En denk maar niet dat dit weg-appt. Integendeel! Hadden we vroeger sociale controle, tegenwoordig is er de sociale media. En dan: “Waarom negeer je ons, Sebas?” met daaronder een dozijn aan reacties en smileys. “Er staan wel blauwe vinkjes dus hij heeft t wel gelezen!” Nóg meer reacties…

Ongevraagd lid worden van een groepsapp is normaal. Er zonder aankondiging uitstappen blijkt echter not done! Help me, whats up?

Ik houd me maar vast aan een citaat van schrijver Herman Koch: “E-mails en tekstberichten vergemakkelijken het onderlinge contact zoals een laxeermiddel de stoelgang vergemakkelijkt. Maar bij een overdosis laxeermiddel produceren wij zoals bekend uitsluitend nog diarree”.

Lol

Lol speelt een grote rol in ons leven, zeker in tijden van vakantie. Maar ik zeg altijd: sfeer is belangrijker dan ’t weer! De afgelopen weken waren bij ons dan ook uitermate zonnig. Hoezo regen?

Zojuist teruggekomen van twee weken kamperen. Grote dank aan mn zwager en schoonzus, die zorgden dat we met z’n viertjes zo de caravan en tent in konden rollen. Weer of geen weer, wat hadden we een sfeer! Onder meer veel lol, om de Chinese uitbatel die de r niet kon zeggen. “Flisti voo’ de kindelen” We lolden haast om van de plet.

Een weekje later vertoefde papa met de kids in een heuse bunkralow. Nu richting strand, in plaats van het land met de zachte g en de rollende r. Die mochten we lenen van Renske, die ik ken van mijn rol bij Lotte & Max. Ook deze week weer rolden de tranen over onze wangen, en moesten we soms hollen naar t “toilet”. Hoefden we bij de camping niet met een rolletje onder onze arm naar het toiletgebouw (luxe!), in de duinen hadden we een oude soeppan alszijnde wc.

Konden we op de camping zo het verwarmde zwembad in, de tweede week bracht ons de eh.. verfrissende -zee. Met de broekspijpjes opgerold de golven in, rolden we na de eerste golf letterlijk over de bodem van het lachen. Gratis zandhappen! En gratis was noodzaak, want heus niet alles liep op rolletjes. Een buikgriepje hier en daar, een ongeplande koprol uit een boom en… mn portomonnee was gerold. Daar zou ik bijna een rolberoerte van krijgen! Ik kon nog geen rolletje drop kopen! Immers alle (nee: ALLE) pasjes waren weg, m’n gespaarde vakantiegeld, benzinepas, museumkaarten enzovoorts. Gelukkig kun je nog wel geld pinnen als je je kunt legitimeren bij je bank. Eh… zonder rijbewijs? Gelukkig melde de eerlijke vinder (fam Broekhoven; dank!) zich snel, en konden we snel weer Flisti enzo bestellen. Want geld moet rollen, nietwaar?

Sprookjes

…je moet erin geloven.

Het is volop vakantie periode. We vliegen, rennen, haasten en stressen om ‘het vakantiegevoel’ te ervaren. Op naar de zon en de rust. Ondertussen het zweet op ons hoofd vanwege stress. We willen niets doen, maar oh wat is dat moeilijk. De Wet van Murphy doet weer zijn intrede. En; Lijstjes moeten weggewerkt worden voordat we écht niets kunnen gaan doen. Was er maar een toverspreuk of -staf!

Het huis moet schoon achter gelaten worden. Hier en daar nog snel een bezoekje afleggen. Snel een boodschapje. Er moeten nog kortingsbonnen worden ingeleverd. Restaurantbonnen zijn nog net geldig. Goedkoper naar de Efteling. Het kan nu nog nét. Daar, in de Efteling, zijn mensen bereid om lang in de rij te staan. De nieuwste attractie, geopend in de zomer van 2017, ‘Symbolica’. Een betoverend paleis waar de fantasie tot leven komt. Samen herinneringen maken. (Zelf denk ik terug aan mijn eigen ervaringen in de Efteling … Nat worden in de wildwaterbaan, de betovering in het sprookjesbos. Letterlijk en figuurlijk: fantastisch!

Maar dan… niets geen betovering en fantasie in de wachtrij van Symbolica. Daar is het weer volop stress. In de inmense wachtrij wordt stress weggerookt, weggesnoept. Er wordt gekibbeld en gehuild. Broertjes en zusjes doen tikkertje. Sommige ouders slaan door. Het geduld is op. Kinderen (of zij?) moeten tot de orde worden geroepen. Ruimte om naar de WC te gaan is er niet, de jongetjes kunnen gelukkig hun behoefte in een flesje doen. Wat gaat de tijd hier tergend langzaam. Mensen wachten hier gemiddeld een hele EK damesvoetbalwedstrijd of kerkdienst lang. Dat allemaal voor een paar minuten betovering.
Ik hoop maar dat de betovering de ervaring in de wachtrij wegvaagt. Als ik naar de mensen kijk die uit Symbolica komen zien ze er byzonder blij uit. Ik zie een soort betovering in hun ogen. Opluchting, bevrijding, verlossing bijna. Is het wachten beloond of vooral eindelijk voorbij?

Reisgenoten

Zo hartverwarmend en betrokken als hij voor velen een vriend en vaderfiguur was, zo ijskoud werd ik van zijn plotselinge overlijden. Hij die in wijsheid, (of in humor) overal wel een antwoord op had, liet ons nu met vele vragen achter.

Omdat ik veel op uitvaarten tolk, gaat het gesprek de laatste tijd regelmatig over de dood. Niet omdat ik dat zo graag wil, maar omdat men het fascinerend en interessant vindt. Maar deze week was alles anders. Ik vond er niks fascinerends aan. Henkie, where did you go?
Wel viel me wederom op hoe het een kunst is dat ieders focus bij de overledene en diens directe nabestaanden blijft liggen. Hoewel vast goed bedoeld, t’ is puur mijn eigen perceptie, maar wat kunnen sommige mensen zelfs dan nog overdadig bezig zijn met zichzelf!
Tegelijk; Hoe enorm troostrijk is het dan wanneer bijvoorbeeld iemand belangeloos aanbiedt om een week in je huis als gastvrouw te verblijven. Tot steun te zijn. Hoe je ook op een mooie manier ontdekt wat ware vriendschappen zijn. Ik werd er stil van.
En met dit dubbele gevoel, het verse verlies nog in mn vezels, stond ik een aantal dagen later in Budapest bij de expositie van de Titanic. Ook daar de dubbelheid; klasse-verschil, maar ook het verschil dat de een zich daadwerkelijk meer voelt dan een ander.

Ik las: De katholieke priester Thomas Byles nam op het laatst nog de biecht af en vroeg om vergeving van zonden voor meer dan 100 passagiers. Hijzelf overleefde de ramp niet.

Daar waar de een kostte wat het kostte vocht om een plek in de reddingsboot te bemachtigen, stond de ander zijn plaatsje af. “Vrouwen en kinderen eerst”. Mrs Straus weigerde echter los van haar echtgenoot in het bootje te stappen: “We have lived together for many years. Where you go, I go”.

Ondertussen speelde het orkest door tot het bittere eind. Hun laatste lied was: Nearer my God to thee

Paaldansen

Eigenlijk heb ik je nooit echt zien staan. Nu ineens lijk je overal op te duiken, maar toen ik je echt nodig had kon ik je niet of nauwelijks vinden.
Ik weet nog hoe blij ik was toen ik je zag, maakte een dansje. Het zweet stond om mn voorhoofd. Mijn hart maakte een vreugdesprong toen ik jou daar zo glimmend in de zon zag staan. Jij stond daar maar wat voor je uit te staren. Ik kreeg je zo aan de praat, en aan een paar woorden van mij had je al genoeg. Tuurlijk, ik had al wel veel over je gehoord. Hoe behulpzaam je zou zijn, hoe geduldig. En het klopte.

Nu echter verdwijn je voorgoed. Nog geen zestig jaar oud neem je, met een koddig mutsje op, afscheid en verdwijn je voorgoed uit het straatbeeld. Ze zijn in trek, de gele praatpalen van de ANWB die allemaal buiten werking zijn gesteld. Afgelopen week ging de stekker uit de 3.300 praatpalen langs de weg. Oorzaak? Door de opkomst van de mobiele telefoon zijn ze volgens de ANWB overbodig geworden.
Het aantal palen (in de verkoop voor 299 euro per stuk) was binnen een mum van tijd uitverkocht. Op Marktplaats en andere sites ontstond direct een levendige handel; tal van advertenties zijn zichtbaar waarop de palen worden aangeboden. Op sommige advertenties zag ik dat er al meer dan 500 euro werd geboden!

Volgens een woordvoerder van het bedrijf dat de gele vrienden in de verkoop stelde was de teleurstelling groot voor de velen die achter het net visten. Om hen tegemoet te komen zal later deze maand een nieuwe voorraad te koop aangeboden worden. Geïnteresseerden moeten dan wel een zogenaamd plan voor een blijvende herbestemming indienen om eventueel in aanmerking te komen voor aanschaf. Wat zou ik die plannen graag eens inzien! Durf jij ze te delen, of ben je dan bang om voor paal te staan?

Typisch

Denkend aan Holland… dat gedicht typeerde de sfeer van mijn gedachten, toen ik richting Europoort voer. Eindelijk terug naar ons landje, waar iedereen op klompen loopt. Waar we altijd bruin brood met hagelslag, of kaas, en graag aardappeltjes-vlees-en groente eten. Waar iedereen dol is op drop en kroketten. Draaiorgelmuziek. Tulpen. Klederdracht.

Welgezegd; Ik had in de eerste plaats een aantal personen, types gemist. Maar ook de kleine dingen deden me af en toe verlangen naar ons koude kikkerlandje. Bepaalde typisch Nederlandse gewoonten en producten zoals de aardappelen. O nee, deze komen oorspronkelijk uit Zuid-Amerika, in de 16e eeuw door de Spanjaarden meegenomen, en pas in de 19e eeuw volks-voedsel. Dan “ons’ droppie? Nee hoor: Farao Toetanchamon kreeg al Arabische gom mee zijn graf in! De eerste draaiorgels waren in de 19e eeuw al in België en Duitsland te vinden. Veel later pas werden deze in Nederland gefabriceerd.  De kroket dan? Ook al niet. Bakker Kwekkeboom ontdekte deze in 1909 tijdens een vakantie in Frankrijk. Van oorsprong is de tulp een Turkse bloem, in 1612 door Nederlandse koopmannen meegenomen. En in China en in Perzië stonden de eerste molens. Wij begonnen daar rond 1600 pas mee, voornamelijk om water te pompen of hout te zagen.

Als ik het ‘elders’ aan ‘anderen’ vraag, dan merk ik dat Nederlander vooral bekend staan om hun directheid. Ook nuchterheid en gezelligheid zijn termen die ons typeren. Bemoeizucht en klagen wordt ook nogal eens genoemd, maar dat gaat dan waarschijnlijk over een andere medelander en niet over ons zelf. Want dat vind ik ook typisch Nederlands: ánderen typeren. Typisch iets voor doven! Typisch homo’s! Typisch christenen! Typisch Marokkanen! Typisch de PVV! En tegelijk: In Nederland mag je zijn wie je maar wil zijn. Dat is soms inconsequent, en dát vind ik nou typisch Nederlands.

Nu ik toch typ; dit weekend is het “Feest op zn Hollands” in Gorinchem. Daar zullen vast ook wel weer wat types rondlopen.

Assepoester; Wie de schoen past…

Op het moment van schrijven ben ik in Schotland.  We hebben inmiddels een lange weg afgelegd. Onder invloed van (nee, niet de drank), Nederlandstalige muziek toeren we verder. Al een keer of 33 dezelfde cd. De muziek staat aan voor de chauffeur, de bus is namelijk afgeladen met doven en slechthorenden en twee gebarentolken. Terwijl we vanuit een whiskey-stokerij de highlands intrekken zet de sprookejsachtige omgeving me aan het denken.

Schotland blijkt spannend en avontuurlijk. Een wonderland met veel mystieke plaatsen. Afgelegen, ruig en stil, fascinerend en inspirerend. Het is niet voor niks dat Harry Potter juist hier is bedacht en beschreven. Schotland is een wonderland, betoverend mooi alsof je je in een sprookje begeeft.

Ik ben dol op sprookjes, maar vind soms ook dat we met teveel sprookjes zijn opgevoed. Sprookjes waarin mensen lang en gelukkig leven. We voeden onze kleine kinderen op met dit soort fabeltjes, en met de moraal mogen ze hun hele leven worstelen. Ieder sprookje gaat over hoe het kwade wordt gestraft, en hoe de deugd wordt beloond. Hoe liefde met een huwelijk wordt bekroond. Klaar.  Sprookjes, het zijn net dromen. Keer op keer naverteld. Maar dromen zijn zo vaak bedrog, ze blijken maar zelden uit te komen. Robert Long bezong het al: “jouw sprookje heet je gezinnetje, of carrière. Maar alle sprookjes eindigen bij voorkeur, daar waar jij denkt dat het jouwe juist begint. En elke generatie staart zich blind, op het geluk dat achter de eigen voordeur open bloeien zal”. Wie de schoen past, trekke hem aan….

Vanavond, zaterdagavond, is er in De Nieuwe Doelen in Gorinchem een voorstelling over Assepoester. Ik had er graag van meegenoten, maar moet t nu helaas doen met (voor de 34 ste keer) dezelfde weemoedige stem uit de luidsprekers van de bus. Ik wou dat zij, in plaats van Assepoester, haar muiltje kon houden.

Ponderosa

In de Amerikaanse staat New Mexico ligt een plaats, de Ponderosa. In de Alblasserwaard hebben we een gelijknamig cafe-restaurant met een enorme staat van dienst. De Ponderosa is terug van weggeweest. En hoe!

Het partycentrum in Hoornaar is als sinds mensenheugenis een begrip in de weide omgeving. Hoor, -naar men zegt leerden duizenden elkaar daar kennen, honderden relaties bloeiden op, en tientallen huwelijken werden naar aanleiding daarvan gesloten. Er zouden zelfs kindjes zijn verwekt. Was het niet t bier (op de grond) waardoor je er bleef plakken, dan waren het de hormonen van een puberliefde. In de late avonduurtjes beleefden sommigen een avontuurtje in de struiken achter de Rabobank. Ik wed dat meerderen zich bij het lezen van deze zin zich herkend of betrapt voelen.

Maar goed; anno nu is de Ponda het kindje van Willeke en haar moeder Netty. Zij hoorden hoe de Ponderosa vorig jaar failliet bleek te zijn verklaard. Weg restaurant. Willeke echter bleek letterlijk een echte bar- keeper. Met vereende krachten waagden zij en haar familie een gokje. Hoe zullen we t doen? Zus of Zo? Ze verkochten hun snackbar in Schelluinen (waar menigeen zich nog steeds Thuys voelt), en stortten zich op dit avontuur. Het bleek wederom een mega klus te zijn, zeker ook met de geldende horeca-wetten rondom eten en hygiëne. Die wetten lijken tegenwoordig zelf ook besmettelijk te zijn.

Ik nam in elk geval mn petje ervoor af. Die ligt daar dus nog ergens. Ik hield al van onze plaatselijke restaurantjes; zoals t Centrum in Schelluinen en De Giesser Wildeman in Noordeloos. Maar nu heeft ook Hoornaar er eentje bij. Restaurants waar de verhalen van de ober net zo mooi zijn als het eten zelf. De goed gevulde terrasjes, borden, glazen en buiken zijn nú stille getuigen tussen de geroemde struiken.

We klommen weer op de fiets, en reden de wandelvierdaagse tegemoet. Ongelogen, nog geen vijf minuten verder, schalde het door de straten: Wat ruist daar in het struiuiuiuiuikgewas….

Perrongeluk

De eerste paperclip, een eenvoudig gebogen metalen draadje, werd in 1867 gepatenteerd.  Zestig jaar daarvoor was echter de eerste stoomlocomotief al uitgevonden! Ongelooflijk! In 1885 werd de spoorlijn Gorinchem-Dordrecht geopend, waar anno nu 7500 reizigers dagelijks dankbaar gebruik van maken.

De treinen van Arriva rijden hier niet alleen op rails, maar ook nog op tijd! Ik mis alleen nog een perron in Schelluinen. Die blijkt in de aanbesteding spoorloos verdwenen. Terwijl bijvoorbeeld Hardinxveld inmiddels drie stations heeft?! Als je met de trein naar Dordrecht wilt, moet je vanuit Schelluinen eerst naar Gorinchem rijden, over Keulen naar Dordt dus. In dezelfde tijd ben ik met de auto al bijna op plaats van bestemming! Inwoners van Schelluinen, maar ook uit de omliggende dorpen, willen alhier een station. Zeker met het oog op de toekomstplannen van de gemeente. Een expres-Oriënterend telefoontje met Arriva leerde me dat we met een handtekeningenactie, inschakelen van politieke partijen en aankloppen bij de gemeente op het juiste spoor zouden zijn. Ik ben benieuwd hoe jij hierover denkt!?

Vorige week gingen we naar het spoorwegmuseum. Denderend! Vertrouwd en toch vernieuwd werd onderweg meermalen ons kaartje geknipt, eh… gescand. Ik wil geen dwarsligger zijn, maar ik begreep (en begrijp) werkelijk niets van de uitleg bij de balie, hoe ik onze kinderen mee kan laten reizen op mijn ov-chipkaart. De conductrice in de trein was echter uiterst behulpzaam; haar service was eerste-klas. Haar coupe was blond, met blauwe lokken in dezelfde kleur als haar sjaal.

Ik vertelde de kinderen dat de conducteur vroeger ook omriep welk station we naderden, maar dat dat inmiddels een gepasseerd station is. Tegenwoordig hoor je een bandje, maar in gedachten hoor ik nog de conducteur die jaren geleden op het traject Gorinchem en Geldermalsen omriep:

“Dag mevrouw, dag meneer,
Dit is de eindbestemming helaas alweer,
Denkt u op het einde van deze rit,
Om uw persoonlijke bezit.
Dag mevrouw, dag meneer,
Tot de volgende keer maar weer.”

Eind.Punt.

Vrede, vrijheid en verantwoordelijkheid

We vierden gisteren de vrijheid.

Streekgenoot Jan Snor, schuilnaam van Maarten Willem Schakel, sloot zich aan bij een verzetsgroep in de Alblasserwaard. Jan bracht de illegale krant Vrij Nederland rond en hielp joden onder te duiken. Een paar uur voor de executie bevrijdden leden van zijn verzetsgroep Schakel uit het politiebureau.

Esther van Vriesland uit Gorinchem was joods en werd opgejaagd door de Duitsers. Esther schreef in haar dagboek over het dagelijks leven van een kind in oorlogstijd, met alle hoop en wanhoop over school, vriendschappen, ouders en verliefdheden. Maar ook over de gele ster en de vernietiging van joden. Ook Esther ontkwam er niet aan. Op 26 september 1942 werden zij en haar familieleden weggevoerd; via Westerbork naar het vernietigingskamp Auschwitz…

Esther schreef op 6 september 1942 haar laatste zin in haar dagboek: ‘Laat me toch in ‘t volgende schrift over de vrede schrijven!’.

 

Welke verhalen kent u? Verhalen over vrede en vrijheid moeten we blijven(d) vertellen. Het thema blijft actueel. Opdat we nooit vergeten.

Vrijheid heeft allerlei lagen en dimensies. Vrij zijn versus gebondenheid. Gebondenheid in oorlog. Maar ook in groepsdruk, verslaving, verwachtingen en in (de belemmering van) eigenheid door traditie, groepsdruk, geloof en/of cultuur.

Zo boeide me het programma ‘Dat wordt oorlog’ van BNN. De kandidaten denken dat ze meedoen aan een realityserie, maar doen in werkelijkheid mee aan een sociaal experiment. Het werd dusdanig heftig dat het programma en het experiment vervroegd moest stoppen. Normale mensen, zoals u en ik, zijn klaarblijkelijk in staat om oorlog te voeren. Eng.

Eng, ook omdat we in een gekke tijd leven. Vol verdeeldheid. In het programma van BNN zie ik hoe mensen opgefokt raken en in staat zijn tot strijd en een drang om (met de groep) te willen ‘winnen’ / overleven. Het heeft alles te maken met overtuigingen, frustraties en wel of niet eerlijk naar jezelf en de ander kunnen (durven) kijken.

 

Allerlei gedachten vechten om voorrang met elkaar; oorlog in mijn hoofd. Vrij zijn en vooral vrij laten is dús een kunst. Versta jij hem?

Load More