doventolk

Perrongeluk

De eerste paperclip, een eenvoudig gebogen metalen draadje, werd in 1867 gepatenteerd.  Zestig jaar daarvoor was echter de eerste stoomlocomotief al uitgevonden! Ongelooflijk! In 1885 werd de spoorlijn Gorinchem-Dordrecht geopend, waar anno nu 7500 reizigers dagelijks dankbaar gebruik van maken.

De treinen van Arriva rijden hier niet alleen op rails, maar ook nog op tijd! Ik mis alleen nog een perron in Schelluinen. Die blijkt in de aanbesteding spoorloos verdwenen. Terwijl bijvoorbeeld Hardinxveld inmiddels drie stations heeft?! Als je met de trein naar Dordrecht wilt, moet je vanuit Schelluinen eerst naar Gorinchem rijden, over Keulen naar Dordt dus. In dezelfde tijd ben ik met de auto al bijna op plaats van bestemming! Inwoners van Schelluinen, maar ook uit de omliggende dorpen, willen alhier een station. Zeker met het oog op de toekomstplannen van de gemeente. Een expres-Oriënterend telefoontje met Arriva leerde me dat we met een handtekeningenactie, inschakelen van politieke partijen en aankloppen bij de gemeente op het juiste spoor zouden zijn. Ik ben benieuwd hoe jij hierover denkt!?

Vorige week gingen we naar het spoorwegmuseum. Denderend! Vertrouwd en toch vernieuwd werd onderweg meermalen ons kaartje geknipt, eh… gescand. Ik wil geen dwarsligger zijn, maar ik begreep (en begrijp) werkelijk niets van de uitleg bij de balie, hoe ik onze kinderen mee kan laten reizen op mijn ov-chipkaart. De conductrice in de trein was echter uiterst behulpzaam; haar service was eerste-klas. Haar coupe was blond, met blauwe lokken in dezelfde kleur als haar sjaal.

Ik vertelde de kinderen dat de conducteur vroeger ook omriep welk station we naderden, maar dat dat inmiddels een gepasseerd station is. Tegenwoordig hoor je een bandje, maar in gedachten hoor ik nog de conducteur die jaren geleden op het traject Gorinchem en Geldermalsen omriep:

“Dag mevrouw, dag meneer,
Dit is de eindbestemming helaas alweer,
Denkt u op het einde van deze rit,
Om uw persoonlijke bezit.
Dag mevrouw, dag meneer,
Tot de volgende keer maar weer.”

Eind.Punt.

Vrede, vrijheid en verantwoordelijkheid

We vierden gisteren de vrijheid.

Streekgenoot Jan Snor, schuilnaam van Maarten Willem Schakel, sloot zich aan bij een verzetsgroep in de Alblasserwaard. Jan bracht de illegale krant Vrij Nederland rond en hielp joden onder te duiken. Een paar uur voor de executie bevrijdden leden van zijn verzetsgroep Schakel uit het politiebureau.

Esther van Vriesland uit Gorinchem was joods en werd opgejaagd door de Duitsers. Esther schreef in haar dagboek over het dagelijks leven van een kind in oorlogstijd, met alle hoop en wanhoop over school, vriendschappen, ouders en verliefdheden. Maar ook over de gele ster en de vernietiging van joden. Ook Esther ontkwam er niet aan. Op 26 september 1942 werden zij en haar familieleden weggevoerd; via Westerbork naar het vernietigingskamp Auschwitz…

Esther schreef op 6 september 1942 haar laatste zin in haar dagboek: ‘Laat me toch in ’t volgende schrift over de vrede schrijven!’.

 

Welke verhalen kent u? Verhalen over vrede en vrijheid moeten we blijven(d) vertellen. Het thema blijft actueel. Opdat we nooit vergeten.

Vrijheid heeft allerlei lagen en dimensies. Vrij zijn versus gebondenheid. Gebondenheid in oorlog. Maar ook in groepsdruk, verslaving, verwachtingen en in (de belemmering van) eigenheid door traditie, groepsdruk, geloof en/of cultuur.

Zo boeide me het programma ‘Dat wordt oorlog’ van BNN. De kandidaten denken dat ze meedoen aan een realityserie, maar doen in werkelijkheid mee aan een sociaal experiment. Het werd dusdanig heftig dat het programma en het experiment vervroegd moest stoppen. Normale mensen, zoals u en ik, zijn klaarblijkelijk in staat om oorlog te voeren. Eng.

Eng, ook omdat we in een gekke tijd leven. Vol verdeeldheid. In het programma van BNN zie ik hoe mensen opgefokt raken en in staat zijn tot strijd en een drang om (met de groep) te willen ‘winnen’ / overleven. Het heeft alles te maken met overtuigingen, frustraties en wel of niet eerlijk naar jezelf en de ander kunnen (durven) kijken.

 

Allerlei gedachten vechten om voorrang met elkaar; oorlog in mijn hoofd. Vrij zijn en vooral vrij laten is dús een kunst. Versta jij hem?

Hoog in t vaandel…

De vlag kan uit, want…. Het is mei-vakantie! De schooldeuren van onze plaatselijke basisschool vliegen open. De kinderen duikelen haast over elkaar heen van enthousiasme. Een jongetje stuift naar buiten, zijn schooltas en jas als een soort wimpel achter zich aan wuivend. Met zijn vuistje gebald omhoog roept hij al hollend: “RESPECT!”

Ik glimlach. Ik heb respect voor de docenten hier. Ze maken er echt iets van. Ze zíen de kinderen.  Lodewijk Asscher zei ooit: “Als je mensen niet ziet, als je ze negeert, haal je iets af van hun wezen, hun menselijkheid. Respect is dat je ziet en waardeert wat een agent en leraar doet.” Gezien worden sluit ook aan bij de letterlijke betekenis van respect: het woord komt van het Latijnse woord re-spicere, ‘terugkijken’, ‘omkijken’.

Ik weet dat veel Schelluinse ouders met respect terugkijken naar hun eigen docenten. De heren Stoutjesdijk en zeker Overgaauw zijn daar zeker in geslaagd, hebben hun sporen achtergelaten. Zij hadden respect hoog in het vaandel. Ten tijde van hen – ach die goede oude tijd – sprak men lang niet zo veel over respect: toen had men het gewoon. Voor elkaar. Voor het kind, voor de meester, voor de staat en voor de kerk. “Samen leren. Samen leren leven” is nog altijd het motto van de school… of van het gehele dorpje aan De Vliet?

Ach natuurlijk is het allemaal niet meer zoals vroeger. Op internet getuigen oude filmpjes van veel meer vereningingsleven, toneel- en mondharmonica avonden, sprookjes luisteren en chocomelk drinken in de tuin van het (nog altijd te koop staande) Jachtslot. Toen werd er veel meer met elkaar beleefd. Maar nog steeds is de saamhorigheid en respect voelbaar, zeker in de komende weken. De plaatselijke oranjevereninging is er weer in geslaagd om een mooi programma te bedenken. Koningsdag, Dodenherdenking, Bevrijdingsdag… Ik denk dat hun meester van toen zou hebben gezegd: “Jullie zijn er weer met vlag en wimpel in geslaagd”. Nu hoor ik de hartelijke woorden van zijn vrouw: “Tien met een griffel, en een zoen van de juf!”

In de ban van de ring

Fantastisch! Het is vandaag de Dag van het Fantastische boek. Fantastisch in de letterlijke zin van het woord; ze gaan over fantasie-werelden. Tolkien, Rowling; ongetwijfeld heel goede schrijvers maar niet voor mij. Veel bezoekers van de Gorinchemse boekenbeurs vandaag zullen daar anders over denken.
Steeds meer mensen willen tegenwoordig middels boeken en films even ontsnappen aan de werkelijkheid. Even Nergens aan denken. ‘Ergens anders’ of zelfs ‘iemand anders’ zijn…
Blijkbaar is de werkelijkheid ons soms teveel. Het is vandaag eveneens de Dag van de Filosofie. Overal en Nergens wordt daar aandacht aan besteed.
Ik heb in mijn therapeuten-opleiding genoten van de filosofie-lessen. Voor mij was filosofie een soort demaskering van hoe de werkelijkheid in elkaar zit. M’n sterkste overtuigingen werden daarin op de proef gesteld. Maar zoals Socrates al bewees: we weten het vaak niet. Relativering is een heel groot goed, zoals keer op keer wordt bewezen. Rondom Trump, BZV, over de trouwring van Tan. We speculeren er ‘overal’ op los. We denken ‘ergens’ recht op de waarheid te hebben. Recht?!
Filosofie levert weinig op, maar het leert respectvol andermans stellingname in twijfel te trekken. Zonder je eigen standpunt als enige waarheid naar voren te schuiven! Relativerend en pacificerend.

Ik sprak met mijn kinderen over hun ringetjes. We doen ze even af en stoppen ze in een houten kistje. Waar zijn de ringen nu? ‘Weg’… ‘Ergens…’
‘En waar is ergens dan? Overal?
‘Nee; In het kistje’
‘Oké, dus Ergens betekent in dit kleine houten kistje’.
‘En weet je waar jullie vriendinnetje Joyce vandaag is?’
Ze weten het niet. Ze zien haar maandag weer. Maar kan Overal zijn maar ze is vast Ergens.
‘Ergens?? Dan zit ze in dit kistje?! Want net zeiden we dat Ergens in dit kistje was! We kijken of Joyce met de ringetjes in het kistje zit.

Mijn goocheltruc werkt nog steeds- het kistje blijkt leeg. Nu zijn Joyce en de ringetjes ineens Nergens. Nergens? Waar is dat dan?
Onze jongste blijkt een ware filosoof: ‘Nergens is als je alle plekken geprobeerd hebt en die zijn het allemaal niet.’

Passie

Passie is iets wat je niet los kunt laten en wat steeds terugkeert in je leven. Of het nu dansen, schrijven, mensen helpen, je eigen praktijk beginnen of piano spelen is. Je wordt er gelukkig van als je het doet en het geeft je een gevoel van betekenis.

Het is nog vroeg als ik met onze harige huisvriend de polder in wandel. Met stevige pas zie ik in het voorbijgaan hoe de familie Blokhuis ‘Kweetal’ uit de grond heeft gestampt. De Alblasserwaard is een multifunctionele ruimte, camping, kinderboerderij en -opvang rijker. Daarbij; Blauwe vlaggetjes getuigen van een pasgeboren zoon. Das pas passie!

Even verderop word ik er bij een boerderij aan herinnerd dat Jezus Leeft.

Vanavond ga ik met Jon naar de Mattheus Passion. Ik ken Jon en haar man Jeroen vanuit hun Bed en Breakfast in Hilversum. De prachtigste gesprekken over (on)geloof, hartstocht en alles wat het leven biedt bespraken we gepassioneerd aan de keukentafel, alwaar onze byzondere vriendschap werd geboren. Velen van u zullen zich hen nog wel herinneren, van het programma Italiaanse Droom. Jon en Jeroen zijn oprecht (en) een en al passie.

De betoverende melodieën van de Mattheus Passion ontluiken zich in mijn hoofd. Ik hoop intens dat de NPO ook dit jaar weer de film Erbarme Dich uitzendt:  Een groep daklozen wordt in een voormalige kerk uitgenodigd om de repetities van de Matthäus Passion bij te wonen. Een ieder ervaart er het lijdensverhaal vanuit hun eigen levensgeschiedenis. Dirigent Leusink vertelt zijn dramatische persoonlijke verhaal. Hij leeft voor de Matthäus Passion, maar het muziekstuk zorgde ook voor een pijnlijke breuk met zijn gereformeerde vader. Geleidelijk blijkt dat de Matthäus Passion een beslissende rol heeft gespeeld in de verhoudingen tussen mannen en vrouwen, geliefden, vaders, moeders, dochters en zonen.

Allerlei verhalen passeren mijn gedachten. Elk verhaal zowel uniek als invoelbaar; uiteindelijk kent iedereen een vorm van lijden, verlies en liefde. Het lijdensverhaal van de Matthäus Passion is daarom niet alleen tijdloos, maar ook vertrouwd: ondanks onze verschillen delen we het geheim van het leven.

Stemmen!

Uit allerlei onderzoeken blijkt dat hoe wij overkomen op iemand anders voor minder dan 10 procent wordt bepaald door de woorden zelf. De rest wordt voornamelijk bepaald door lichaamstaal: hóe we iets zeggen.

Zeker bij mensen die we goed kennen kunnen we de stem uitstekend lezen. Aan de manier waarop je partner de telefoon opneemt, kun je soms al horen hoe het met hem/haar gaat.
Maar stel; je hebt iemand voor t eerst aan de telefoon. Natuurlijk luister je dan naar de woordelijke inhoud, maar je zult vooral conclusies trekken uit de toon, intonatie, het tempo, dialect, etc. Vliegensvlug (en vaak onbewust) vorm je een beeld van wie je aan de lijn hebt. Een man of vrouw, oud of jong, iemand die actief zit of onderuit hangt, glimlacht, betrouwbaar of sympathiek overkomt enzovoorts. Allemaal interpretatie op basis van stem.

Je stem is helemaal uniek; jouw stem reflecteert jou.
Je lichaamsbouw en de manier waarop je je spraakorgaan aanstuurt bepaalt het timbre van je stem.
Voorts geef je met articulatie, volume, tempo, hoogte en klemtonen een soort expressie aan je stem. Meestal is dit alles onbewust; een gevolg van je lichaamshouding en gezichtsuitdrukkingen. Deze laatste twee zijn weer een gevolg van je gedachten en emoties.

Stel dat je naar een belangrijke afspraak gaat. Bijvoorbeeld naar een debat, omdat je minister president wilt worden! U trok uw beste pak aan. Poetste uw tanden, kamde uw haren, oefende en overdacht alvast wat u (wel/niet) wilde gaan zeggen. Maar bedacht u zich ook, hoe u uw stem zou inzetten? Waarschijnlijk niet. En dat is jammer, zegt beïnvloedingsdeskundige Pacelle van Goethem. Ze is spraak-, taal- en stempatholoog en coacht oa politici. ‘Wát je zegt is veel minder belangrijk dan hóé je het zegt.’ Ze wijst naar mijn das en zegt op zeer cynische toon: ‘Wat een by-zon-dere das.’ ‘Hoor je?,’ lacht ze, ‘nu doet de inhoud er eigenlijk al niet meer toe.’

Stemmen dus!
Mijn stem heb je (niet).

Alaaf

Het feest kan beginnen. Van voor naar achter. Polonaise Hollandaise. Drinke totteme zinke. Een pikketanussie. Zak es lekker door. Mama woar is mien pils. Ik ben Gerrit. Hup daar is Willem. Het zal je kind maar wezen. Wij zijn de jongens van plezier. Oh Sjaan. M‘n tante heeft een olifant. Tiet veur un pafke. Uche uche. Unne spijker in munne kop. Vaders fanfare. Vader Abraham had zeven zonen. En we nemen er nog een. ’s Nachts na tweeën. Keesje de Jordaan. Brabantse nachten zijn lang. De kat van ome Willem. De liefde van de man gaat door de maag. De Pieteroliekar. Een barg die he un krul in de steert. Kom geef je lasso maar. Een meissie van alledag. Per spoor; kedeng kedeng. Waar moet dat heen? Viva España. Bij ons staat op de keuken-deur. Als het gras twee kontjes hoog is. Alice [wtf is Alice], Als ze me missen… Een reisje langs de Rijn-Rijn-Rijn. En nou die hendjes de lucht in. Er staat een paard in de gang. De fanfare. Mien waar is m’n feestneus. Niemand laat zijn eigen kind alleen. Mijn naam is Haas. Hé, hé, kijk daar eens. Neenaanmenooitnie. Den Uyl is in den olie. Tutti di no no. Bloody Mary. Ik ben Alie van de wegenwacht. Op woensdagmorgen krijg je rode rozen. Geef me hoop Jomanda. ‘k Heb hele grote bloemkoole. We zijn toch op de wereld om mekaar te helpen, nietwaar. Olé olé. Ze kunnen de pot op. Vette jus. Kabouterdans. Pa wil niet in bad. Olleke bolleke. M’n schoonmoeder. Glaasje op laat je rijden. Het bananenlied. Het leven is goed in t Brabantse land. La la la van Strauss en zo. Marietje (in het bos daar zijn de jagers). Is je moeder niet thuis. Hallo meneer de Uil. In ons fijn café. De countrydans. Jij bent veel te mooi. ’t Geeft allemaal niks. Ome Jan. Zullen we maar weer. Juffrouw Toos. Margarita. Effe wachte. De nacht is nog zo lang. Wat heb je gedaan Daan. Oh wat is het toch fijn. Och was ik maar.

Toedeloe. Dit is het einde. Zallemenut nog een keertje overdoen?

Basisschool de Kroevendonk

 

Kinderen van basisschool de Kroevendonk in Roosendaal leren gebarentaal met de module Lotte en Max. Lotte en Max zijn twee handpoppen die leraren gebruiken om de peuters en onderbouw leerlingen handgebaren te leren. Vrijdag was er ook een voorstelling te zien van een acteur en actrice van de module waarin kinderen samen met de toneelspelers hun gebarentaal toonden.

Zuid-West TV bracht een verslag uit:

http://www.zuidwesttv.nl/video/4647/kinderen-leren-gebarentaal-met-lotte-max/detail_templatePreview-clean

 

 

Kunstlocatie Würth

 

 

Hé hallo!…Doven en slechthorenden krijgen helaas niet altijd de mogelijkheid om een opening van een tentoonstelling bij te wonen, waarbij een gebarentolk aanwezig is. En dát is natuurlijk jammer!

Kunstlocatie Würth in ’s-Hertogenbosch opent op zondag 19 februari haar nieuwe tentoonstelling, genaamd Stille Dialoog, met kunstwerken uit de Verzameling Würth én hierbij zal worden getolkt in gebaren.

(Verschillende stillevens zullen worden getoond. En als je alleen maar denkt aan vazen en bloemen, dan heb je het mis en zal je zéker worden verrast. Het stilleven heeft door de jaren heen namelijk een ware transformatie doorgemaakt, waarin de dialoog tussen de objecten en de kunstenaar in het kunstwerk aanwezig is.
Er zullen kunstwerken te zien zijn van onder andere, Buffet, Christo, Jacobsen, Lüpertz..en vele andere.)

 

Dus: ben je doof of slechthorend én geïnteresseerd in het bijwonen van de opening? Meld je dan aan via de website: wurth.nl/kunstlocatie  Maar doe dat snel, want vol is vol.

 

Schermafbeelding 2017 02 10 om 14.55.47 Kunstlocatie Würth

VPRO-gids

VPRO-gids

Sebastiaan Boogaard (36) is tolk Nederlandse gebarentaal. Hij tolkt en tolkte bij verschillende televisieprogramma’s.

door niels hoeben • illustratie olivier heiligers

Heeft u op het moment een favoriet programma?
‘Ik ben een grote fan van Flikken Maastricht. Naar die serie kijk ik al vanaf de eerste aflevering en als Uitzending gemist er niet zou zijn, zou ik er ook voor thuisblijven. Die serie pakt me, grijpt me aan. De verhaallijnen zijn boeiend en ik ben ook altijd nieuwsgierig naar de volgende aflevering. Je gaat met de personages meeleven. En ik ben bevriend met een medewerker van de serie, dus zo hoor je ook nog eens wat van achter de schermen. Verder kijk ik ook graag naar Moordvrouw en vind ik het drieluik Riphagen een goede Nederlandse serie.’

Welk programma ziet u het liefst zo snel mogelijk verdwijnen?
‘Afzeiktelevisie. En dan bedoel ik niet De TV draait door of Lucky TV in De wereld draait door, maar program- ma’s waarin mensen gewoonweg voor schut worden gezet. De manier waarop Lucky TV mij persifleert, vind ik fantastisch, de tranen rollen dan echt over m’n wangen. Als maker Sander van de Pavert dan een stemmetje opzet dan zie ik bijna mijn eigen gebaren niet meer, zo goed is het. Het is een leuke manier om het vak van gebarentolk op een positieve manier in de kijker te spelen.’

Kijkt u uw eigen werk vaak terug?
‘Voor een gebarentolk is televisie een fantastisch medium om je eigen kwaliteit te verbeteren, want je kunt precies zien hoe je het hebt gedaan. Ik kijk mijn werk altijd terug en dan ook nog het liefst met het geluid uit, zodat je echt alleen je gebaren hebt om op te focussen.’

Welk programma heeft grote indruk gemaakt?
‘De hokjesman heeft een uitzending gemaakt over de dovenwereld. Zo ontzettend krachtig en mooi gebracht. Daar heb ik met zeer veel plezier en respect naar gekeken. Hoewel er meer dan 150.000 dove mensen in Nederland zijn, met hun eigen taal en hun eigen identiteit, zijn ze niet zo zichtbaar. Dat was dan ook het mooie aan die uitzending, je zag de dovenwereld echt vanuit het perspectief van dove mensen.’

 

Schermafbeelding 2017 03 13 om 10.11.12 VPRO gids

Load More