gebarentolk

Whatsapp

Ooit ontdekte men dat als je twee blikjes met een draadje verbindt, je op afstand met elkaar kunt communiceren. Voor slechthorende kinderen bleek dit een manier om geluid directer in de gehoorgang te brengen. We denken allemaal dat Alexander Graham Bell dit vervolgens doorontwikkelde en de telefoon uitvond. Frapant: Een groot deel van het leven van Bell stond in het teken van doven en slechthorenden. In zijn tienertijd geraakte zijn moeder langzaam doof. Bell gaf les aan dove kinderen, trouwde met een dove vrouw. Dat juist deze man een apparaat uitvond waarmee GELUID kon worden overgedragen? Het ligt sowieso genuanceerder. In 1876 was Bell niet de eerste die een belapparaat ontwikkelde, maar wel de eerste die er patent op kreeg. Vervolgens ontstond er decennia lang een enorme kloof tussen doven en horenden: degenen die wél en degenen die niet konden bellen. De beller bleek sneller!

Maar de ontwikkeling ging nog sneller. Via internet, smartphones, en services als whatsapp kunnen we nu allemaal met elkaar op afstand communiceren. Niet kleppen maar appen. Hartstikke handig dat je op elke plek, ieder uur van de dag, contact kan hebben met wie dan ook.

Een uitkomst voor velen, maar mijn mobiel stroomt inmiddels vol met allerlei appjes. En denk maar niet dat dit weg-appt. Integendeel! Hadden we vroeger sociale controle, tegenwoordig is er de sociale media. En dan: “Waarom negeer je ons, Sebas?” met daaronder een dozijn aan reacties en smileys. “Er staan wel blauwe vinkjes dus hij heeft t wel gelezen!” Nóg meer reacties…

Ongevraagd lid worden van een groepsapp is normaal. Er zonder aankondiging uitstappen blijkt echter not done! Help me, whats up?

Ik houd me maar vast aan een citaat van schrijver Herman Koch: “E-mails en tekstberichten vergemakkelijken het onderlinge contact zoals een laxeermiddel de stoelgang vergemakkelijkt. Maar bij een overdosis laxeermiddel produceren wij zoals bekend uitsluitend nog diarree”.

Lol

Lol speelt een grote rol in ons leven, zeker in tijden van vakantie. Maar ik zeg altijd: sfeer is belangrijker dan ’t weer! De afgelopen weken waren bij ons dan ook uitermate zonnig. Hoezo regen?

Zojuist teruggekomen van twee weken kamperen. Grote dank aan mn zwager en schoonzus, die zorgden dat we met z’n viertjes zo de caravan en tent in konden rollen. Weer of geen weer, wat hadden we een sfeer! Onder meer veel lol, om de Chinese uitbatel die de r niet kon zeggen. “Flisti voo’ de kindelen” We lolden haast om van de plet.

Een weekje later vertoefde papa met de kids in een heuse bunkralow. Nu richting strand, in plaats van het land met de zachte g en de rollende r. Die mochten we lenen van Renske, die ik ken van mijn rol bij Lotte & Max. Ook deze week weer rolden de tranen over onze wangen, en moesten we soms hollen naar t “toilet”. Hoefden we bij de camping niet met een rolletje onder onze arm naar het toiletgebouw (luxe!), in de duinen hadden we een oude soeppan alszijnde wc.

Konden we op de camping zo het verwarmde zwembad in, de tweede week bracht ons de eh.. verfrissende -zee. Met de broekspijpjes opgerold de golven in, rolden we na de eerste golf letterlijk over de bodem van het lachen. Gratis zandhappen! En gratis was noodzaak, want heus niet alles liep op rolletjes. Een buikgriepje hier en daar, een ongeplande koprol uit een boom en… mn portomonnee was gerold. Daar zou ik bijna een rolberoerte van krijgen! Ik kon nog geen rolletje drop kopen! Immers alle (nee: ALLE) pasjes waren weg, m’n gespaarde vakantiegeld, benzinepas, museumkaarten enzovoorts. Gelukkig kun je nog wel geld pinnen als je je kunt legitimeren bij je bank. Eh… zonder rijbewijs? Gelukkig melde de eerlijke vinder (fam Broekhoven; dank!) zich snel, en konden we snel weer Flisti enzo bestellen. Want geld moet rollen, nietwaar?

Typisch

Denkend aan Holland… dat gedicht typeerde de sfeer van mijn gedachten, toen ik richting Europoort voer. Eindelijk terug naar ons landje, waar iedereen op klompen loopt. Waar we altijd bruin brood met hagelslag, of kaas, en graag aardappeltjes-vlees-en groente eten. Waar iedereen dol is op drop en kroketten. Draaiorgelmuziek. Tulpen. Klederdracht.

Welgezegd; Ik had in de eerste plaats een aantal personen, types gemist. Maar ook de kleine dingen deden me af en toe verlangen naar ons koude kikkerlandje. Bepaalde typisch Nederlandse gewoonten en producten zoals de aardappelen. O nee, deze komen oorspronkelijk uit Zuid-Amerika, in de 16e eeuw door de Spanjaarden meegenomen, en pas in de 19e eeuw volks-voedsel. Dan “ons’ droppie? Nee hoor: Farao Toetanchamon kreeg al Arabische gom mee zijn graf in! De eerste draaiorgels waren in de 19e eeuw al in België en Duitsland te vinden. Veel later pas werden deze in Nederland gefabriceerd.  De kroket dan? Ook al niet. Bakker Kwekkeboom ontdekte deze in 1909 tijdens een vakantie in Frankrijk. Van oorsprong is de tulp een Turkse bloem, in 1612 door Nederlandse koopmannen meegenomen. En in China en in Perzië stonden de eerste molens. Wij begonnen daar rond 1600 pas mee, voornamelijk om water te pompen of hout te zagen.

Als ik het ‘elders’ aan ‘anderen’ vraag, dan merk ik dat Nederlander vooral bekend staan om hun directheid. Ook nuchterheid en gezelligheid zijn termen die ons typeren. Bemoeizucht en klagen wordt ook nogal eens genoemd, maar dat gaat dan waarschijnlijk over een andere medelander en niet over ons zelf. Want dat vind ik ook typisch Nederlands: ánderen typeren. Typisch iets voor doven! Typisch homo’s! Typisch christenen! Typisch Marokkanen! Typisch de PVV! En tegelijk: In Nederland mag je zijn wie je maar wil zijn. Dat is soms inconsequent, en dát vind ik nou typisch Nederlands.

Nu ik toch typ; dit weekend is het “Feest op zn Hollands” in Gorinchem. Daar zullen vast ook wel weer wat types rondlopen.

Assepoester; Wie de schoen past…

Op het moment van schrijven ben ik in Schotland.  We hebben inmiddels een lange weg afgelegd. Onder invloed van (nee, niet de drank), Nederlandstalige muziek toeren we verder. Al een keer of 33 dezelfde cd. De muziek staat aan voor de chauffeur, de bus is namelijk afgeladen met doven en slechthorenden en twee gebarentolken. Terwijl we vanuit een whiskey-stokerij de highlands intrekken zet de sprookejsachtige omgeving me aan het denken.

Schotland blijkt spannend en avontuurlijk. Een wonderland met veel mystieke plaatsen. Afgelegen, ruig en stil, fascinerend en inspirerend. Het is niet voor niks dat Harry Potter juist hier is bedacht en beschreven. Schotland is een wonderland, betoverend mooi alsof je je in een sprookje begeeft.

Ik ben dol op sprookjes, maar vind soms ook dat we met teveel sprookjes zijn opgevoed. Sprookjes waarin mensen lang en gelukkig leven. We voeden onze kleine kinderen op met dit soort fabeltjes, en met de moraal mogen ze hun hele leven worstelen. Ieder sprookje gaat over hoe het kwade wordt gestraft, en hoe de deugd wordt beloond. Hoe liefde met een huwelijk wordt bekroond. Klaar.  Sprookjes, het zijn net dromen. Keer op keer naverteld. Maar dromen zijn zo vaak bedrog, ze blijken maar zelden uit te komen. Robert Long bezong het al: “jouw sprookje heet je gezinnetje, of carrière. Maar alle sprookjes eindigen bij voorkeur, daar waar jij denkt dat het jouwe juist begint. En elke generatie staart zich blind, op het geluk dat achter de eigen voordeur open bloeien zal”. Wie de schoen past, trekke hem aan….

Vanavond, zaterdagavond, is er in De Nieuwe Doelen in Gorinchem een voorstelling over Assepoester. Ik had er graag van meegenoten, maar moet t nu helaas doen met (voor de 34 ste keer) dezelfde weemoedige stem uit de luidsprekers van de bus. Ik wou dat zij, in plaats van Assepoester, haar muiltje kon houden.

Ponderosa

In de Amerikaanse staat New Mexico ligt een plaats, de Ponderosa. In de Alblasserwaard hebben we een gelijknamig cafe-restaurant met een enorme staat van dienst. De Ponderosa is terug van weggeweest. En hoe!

Het partycentrum in Hoornaar is als sinds mensenheugenis een begrip in de weide omgeving. Hoor, -naar men zegt leerden duizenden elkaar daar kennen, honderden relaties bloeiden op, en tientallen huwelijken werden naar aanleiding daarvan gesloten. Er zouden zelfs kindjes zijn verwekt. Was het niet t bier (op de grond) waardoor je er bleef plakken, dan waren het de hormonen van een puberliefde. In de late avonduurtjes beleefden sommigen een avontuurtje in de struiken achter de Rabobank. Ik wed dat meerderen zich bij het lezen van deze zin zich herkend of betrapt voelen.

Maar goed; anno nu is de Ponda het kindje van Willeke en haar moeder Netty. Zij hoorden hoe de Ponderosa vorig jaar failliet bleek te zijn verklaard. Weg restaurant. Willeke echter bleek letterlijk een echte bar- keeper. Met vereende krachten waagden zij en haar familie een gokje. Hoe zullen we t doen? Zus of Zo? Ze verkochten hun snackbar in Schelluinen (waar menigeen zich nog steeds Thuys voelt), en stortten zich op dit avontuur. Het bleek wederom een mega klus te zijn, zeker ook met de geldende horeca-wetten rondom eten en hygiëne. Die wetten lijken tegenwoordig zelf ook besmettelijk te zijn.

Ik nam in elk geval mn petje ervoor af. Die ligt daar dus nog ergens. Ik hield al van onze plaatselijke restaurantjes; zoals t Centrum in Schelluinen en De Giesser Wildeman in Noordeloos. Maar nu heeft ook Hoornaar er eentje bij. Restaurants waar de verhalen van de ober net zo mooi zijn als het eten zelf. De goed gevulde terrasjes, borden, glazen en buiken zijn nú stille getuigen tussen de geroemde struiken.

We klommen weer op de fiets, en reden de wandelvierdaagse tegemoet. Ongelogen, nog geen vijf minuten verder, schalde het door de straten: Wat ruist daar in het struiuiuiuiuikgewas….

Perrongeluk

De eerste paperclip, een eenvoudig gebogen metalen draadje, werd in 1867 gepatenteerd.  Zestig jaar daarvoor was echter de eerste stoomlocomotief al uitgevonden! Ongelooflijk! In 1885 werd de spoorlijn Gorinchem-Dordrecht geopend, waar anno nu 7500 reizigers dagelijks dankbaar gebruik van maken.

De treinen van Arriva rijden hier niet alleen op rails, maar ook nog op tijd! Ik mis alleen nog een perron in Schelluinen. Die blijkt in de aanbesteding spoorloos verdwenen. Terwijl bijvoorbeeld Hardinxveld inmiddels drie stations heeft?! Als je met de trein naar Dordrecht wilt, moet je vanuit Schelluinen eerst naar Gorinchem rijden, over Keulen naar Dordt dus. In dezelfde tijd ben ik met de auto al bijna op plaats van bestemming! Inwoners van Schelluinen, maar ook uit de omliggende dorpen, willen alhier een station. Zeker met het oog op de toekomstplannen van de gemeente. Een expres-Oriënterend telefoontje met Arriva leerde me dat we met een handtekeningenactie, inschakelen van politieke partijen en aankloppen bij de gemeente op het juiste spoor zouden zijn. Ik ben benieuwd hoe jij hierover denkt!?

Vorige week gingen we naar het spoorwegmuseum. Denderend! Vertrouwd en toch vernieuwd werd onderweg meermalen ons kaartje geknipt, eh… gescand. Ik wil geen dwarsligger zijn, maar ik begreep (en begrijp) werkelijk niets van de uitleg bij de balie, hoe ik onze kinderen mee kan laten reizen op mijn ov-chipkaart. De conductrice in de trein was echter uiterst behulpzaam; haar service was eerste-klas. Haar coupe was blond, met blauwe lokken in dezelfde kleur als haar sjaal.

Ik vertelde de kinderen dat de conducteur vroeger ook omriep welk station we naderden, maar dat dat inmiddels een gepasseerd station is. Tegenwoordig hoor je een bandje, maar in gedachten hoor ik nog de conducteur die jaren geleden op het traject Gorinchem en Geldermalsen omriep:

“Dag mevrouw, dag meneer,
Dit is de eindbestemming helaas alweer,
Denkt u op het einde van deze rit,
Om uw persoonlijke bezit.
Dag mevrouw, dag meneer,
Tot de volgende keer maar weer.”

Eind.Punt.

Hoog in t vaandel…

De vlag kan uit, want…. Het is mei-vakantie! De schooldeuren van onze plaatselijke basisschool vliegen open. De kinderen duikelen haast over elkaar heen van enthousiasme. Een jongetje stuift naar buiten, zijn schooltas en jas als een soort wimpel achter zich aan wuivend. Met zijn vuistje gebald omhoog roept hij al hollend: “RESPECT!”

Ik glimlach. Ik heb respect voor de docenten hier. Ze maken er echt iets van. Ze zíen de kinderen.  Lodewijk Asscher zei ooit: “Als je mensen niet ziet, als je ze negeert, haal je iets af van hun wezen, hun menselijkheid. Respect is dat je ziet en waardeert wat een agent en leraar doet.” Gezien worden sluit ook aan bij de letterlijke betekenis van respect: het woord komt van het Latijnse woord re-spicere, ‘terugkijken’, ‘omkijken’.

Ik weet dat veel Schelluinse ouders met respect terugkijken naar hun eigen docenten. De heren Stoutjesdijk en zeker Overgaauw zijn daar zeker in geslaagd, hebben hun sporen achtergelaten. Zij hadden respect hoog in het vaandel. Ten tijde van hen – ach die goede oude tijd – sprak men lang niet zo veel over respect: toen had men het gewoon. Voor elkaar. Voor het kind, voor de meester, voor de staat en voor de kerk. “Samen leren. Samen leren leven” is nog altijd het motto van de school… of van het gehele dorpje aan De Vliet?

Ach natuurlijk is het allemaal niet meer zoals vroeger. Op internet getuigen oude filmpjes van veel meer vereningingsleven, toneel- en mondharmonica avonden, sprookjes luisteren en chocomelk drinken in de tuin van het (nog altijd te koop staande) Jachtslot. Toen werd er veel meer met elkaar beleefd. Maar nog steeds is de saamhorigheid en respect voelbaar, zeker in de komende weken. De plaatselijke oranjevereninging is er weer in geslaagd om een mooi programma te bedenken. Koningsdag, Dodenherdenking, Bevrijdingsdag… Ik denk dat hun meester van toen zou hebben gezegd: “Jullie zijn er weer met vlag en wimpel in geslaagd”. Nu hoor ik de hartelijke woorden van zijn vrouw: “Tien met een griffel, en een zoen van de juf!”

In de ban van de ring

Fantastisch! Het is vandaag de Dag van het Fantastische boek. Fantastisch in de letterlijke zin van het woord; ze gaan over fantasie-werelden. Tolkien, Rowling; ongetwijfeld heel goede schrijvers maar niet voor mij. Veel bezoekers van de Gorinchemse boekenbeurs vandaag zullen daar anders over denken.
Steeds meer mensen willen tegenwoordig middels boeken en films even ontsnappen aan de werkelijkheid. Even Nergens aan denken. ‘Ergens anders’ of zelfs ‘iemand anders’ zijn…
Blijkbaar is de werkelijkheid ons soms teveel. Het is vandaag eveneens de Dag van de Filosofie. Overal en Nergens wordt daar aandacht aan besteed.
Ik heb in mijn therapeuten-opleiding genoten van de filosofie-lessen. Voor mij was filosofie een soort demaskering van hoe de werkelijkheid in elkaar zit. M’n sterkste overtuigingen werden daarin op de proef gesteld. Maar zoals Socrates al bewees: we weten het vaak niet. Relativering is een heel groot goed, zoals keer op keer wordt bewezen. Rondom Trump, BZV, over de trouwring van Tan. We speculeren er ‘overal’ op los. We denken ‘ergens’ recht op de waarheid te hebben. Recht?!
Filosofie levert weinig op, maar het leert respectvol andermans stellingname in twijfel te trekken. Zonder je eigen standpunt als enige waarheid naar voren te schuiven! Relativerend en pacificerend.

Ik sprak met mijn kinderen over hun ringetjes. We doen ze even af en stoppen ze in een houten kistje. Waar zijn de ringen nu? ‘Weg’… ‘Ergens…’
‘En waar is ergens dan? Overal?
‘Nee; In het kistje’
‘Oké, dus Ergens betekent in dit kleine houten kistje’.
‘En weet je waar jullie vriendinnetje Joyce vandaag is?’
Ze weten het niet. Ze zien haar maandag weer. Maar kan Overal zijn maar ze is vast Ergens.
‘Ergens?? Dan zit ze in dit kistje?! Want net zeiden we dat Ergens in dit kistje was! We kijken of Joyce met de ringetjes in het kistje zit.

Mijn goocheltruc werkt nog steeds- het kistje blijkt leeg. Nu zijn Joyce en de ringetjes ineens Nergens. Nergens? Waar is dat dan?
Onze jongste blijkt een ware filosoof: ‘Nergens is als je alle plekken geprobeerd hebt en die zijn het allemaal niet.’

Passie

Passie is iets wat je niet los kunt laten en wat steeds terugkeert in je leven. Of het nu dansen, schrijven, mensen helpen, je eigen praktijk beginnen of piano spelen is. Je wordt er gelukkig van als je het doet en het geeft je een gevoel van betekenis.

Het is nog vroeg als ik met onze harige huisvriend de polder in wandel. Met stevige pas zie ik in het voorbijgaan hoe de familie Blokhuis ‘Kweetal’ uit de grond heeft gestampt. De Alblasserwaard is een multifunctionele ruimte, camping, kinderboerderij en -opvang rijker. Daarbij; Blauwe vlaggetjes getuigen van een pasgeboren zoon. Das pas passie!

Even verderop word ik er bij een boerderij aan herinnerd dat Jezus Leeft.

Vanavond ga ik met Jon naar de Mattheus Passion. Ik ken Jon en haar man Jeroen vanuit hun Bed en Breakfast in Hilversum. De prachtigste gesprekken over (on)geloof, hartstocht en alles wat het leven biedt bespraken we gepassioneerd aan de keukentafel, alwaar onze byzondere vriendschap werd geboren. Velen van u zullen zich hen nog wel herinneren, van het programma Italiaanse Droom. Jon en Jeroen zijn oprecht (en) een en al passie.

De betoverende melodieën van de Mattheus Passion ontluiken zich in mijn hoofd. Ik hoop intens dat de NPO ook dit jaar weer de film Erbarme Dich uitzendt:  Een groep daklozen wordt in een voormalige kerk uitgenodigd om de repetities van de Matthäus Passion bij te wonen. Een ieder ervaart er het lijdensverhaal vanuit hun eigen levensgeschiedenis. Dirigent Leusink vertelt zijn dramatische persoonlijke verhaal. Hij leeft voor de Matthäus Passion, maar het muziekstuk zorgde ook voor een pijnlijke breuk met zijn gereformeerde vader. Geleidelijk blijkt dat de Matthäus Passion een beslissende rol heeft gespeeld in de verhoudingen tussen mannen en vrouwen, geliefden, vaders, moeders, dochters en zonen.

Allerlei verhalen passeren mijn gedachten. Elk verhaal zowel uniek als invoelbaar; uiteindelijk kent iedereen een vorm van lijden, verlies en liefde. Het lijdensverhaal van de Matthäus Passion is daarom niet alleen tijdloos, maar ook vertrouwd: ondanks onze verschillen delen we het geheim van het leven.

Stemmen!

Uit allerlei onderzoeken blijkt dat hoe wij overkomen op iemand anders voor minder dan 10 procent wordt bepaald door de woorden zelf. De rest wordt voornamelijk bepaald door lichaamstaal: hóe we iets zeggen.

Zeker bij mensen die we goed kennen kunnen we de stem uitstekend lezen. Aan de manier waarop je partner de telefoon opneemt, kun je soms al horen hoe het met hem/haar gaat.
Maar stel; je hebt iemand voor t eerst aan de telefoon. Natuurlijk luister je dan naar de woordelijke inhoud, maar je zult vooral conclusies trekken uit de toon, intonatie, het tempo, dialect, etc. Vliegensvlug (en vaak onbewust) vorm je een beeld van wie je aan de lijn hebt. Een man of vrouw, oud of jong, iemand die actief zit of onderuit hangt, glimlacht, betrouwbaar of sympathiek overkomt enzovoorts. Allemaal interpretatie op basis van stem.

Je stem is helemaal uniek; jouw stem reflecteert jou.
Je lichaamsbouw en de manier waarop je je spraakorgaan aanstuurt bepaalt het timbre van je stem.
Voorts geef je met articulatie, volume, tempo, hoogte en klemtonen een soort expressie aan je stem. Meestal is dit alles onbewust; een gevolg van je lichaamshouding en gezichtsuitdrukkingen. Deze laatste twee zijn weer een gevolg van je gedachten en emoties.

Stel dat je naar een belangrijke afspraak gaat. Bijvoorbeeld naar een debat, omdat je minister president wilt worden! U trok uw beste pak aan. Poetste uw tanden, kamde uw haren, oefende en overdacht alvast wat u (wel/niet) wilde gaan zeggen. Maar bedacht u zich ook, hoe u uw stem zou inzetten? Waarschijnlijk niet. En dat is jammer, zegt beïnvloedingsdeskundige Pacelle van Goethem. Ze is spraak-, taal- en stempatholoog en coacht oa politici. ‘Wát je zegt is veel minder belangrijk dan hóé je het zegt.’ Ze wijst naar mijn das en zegt op zeer cynische toon: ‘Wat een by-zon-dere das.’ ‘Hoor je?,’ lacht ze, ‘nu doet de inhoud er eigenlijk al niet meer toe.’

Stemmen dus!
Mijn stem heb je (niet).

Load More